In de Tweede Kamer werd op 30 januari 2024 een motie aangenomen waarin de regering wordt gevraagd om met een voorstel te komen om Lelystad Airport definitief niet te openen voor de commerciële burgerluchtvaart, onder meer om redenen van volksgezondheid. Het regeerakkoord meldt dat het kabinet in 2025 duidelijkheid wil geven over Lelystad Airport. Op 9 oktober 2024 zei minister Madlener dat hij hoopt op opening van Lelystad Airport. Hij herhaalde dit in 2025.
De Stichting stelt zich op het standpunt niet tegen de openstelling van Lelystad Airport te zijn. Wel is de voorwaarde hierbij dat aan de vliegroutes dusdanig vorm gegeven wordt dat zij zo min mogelijk hinder boven West-Friesland genereren. Vermijden van ernstige plaatselijke hinder en onherstelbare schade voor de recreatie-economie, het milieu en de bebouwde omgeving moet voorrang krijgen bij het bepalen van vliegroutes en vlieghoogte.
Helaas blijkt de discussie over de opening van Lelystad Airport een discussie zonder einde. Treurig is dat in deze discussie de zorg die de Stichting Minder Hinder Boven Westfriesland voor het voetlicht wil brengen ondergesneeuwd blijft, namelijk werken aan de totstandkoming van betere vertrekroutes vanaf Lelystad Airport, mocht het vliegveld open gesteld worden. Dit is acuut geworden nu op 15 mei 2025 in de media berichten zijn verschenen dat minister Madlener voornemens zou zijn het vliegveld open te stellen voor passagiersvliegtuigen en aldaar ook F-35’s te plaatsen. Cruciaal in dit verband is het streven van het ministerie van Defensie om een aaneengesloten oefengebied in het noorden van het land, van de Wieringermeerpolder tot Noord-Duitsland, te creëren en de gevolgen daarvan voor de vliegroutes en vlieghoogte van en op Lelystad Airport.
Over de consequenties voor Schiphol van het creëren van dit aaneengesloten oefengebied is in de plannen gecommuniceerd: de huidige vliegroutes in noordoostelijke richting moeten zuidelijker komen te liggen. Voor Lelystad Airport is nog geen duidelijkheid verstrekt. Dit is begrijpelijk zolang geen besluit in voorbereiding genomen is over opening van het vliegveld voor passagiersvliegtuigen.
Nu het er volgens berichten in de media overwogen wordt het vliegveld open te stellen verwacht de Stichting dat vooraf aan besluitvorming openheid wordt verstrekt over de mogelijke gevolgen van het creëren van een aaneengesloten oefengebied in het noorden van het land voor de vliegroutes van en op Lelystad Airport en de minimum hoogte waarop over deze vliegroutes gevlogen moet worden.
Indien het creëren van een aaneengesloten oefengebied in het noorden van het land geen gevolgen zou hebben voor de geplande vliegroutes van en op Lelystad is deels tegemoet gekomen aan de zorg over de hinder die opening van het vliegveld voor West-Friesland kan opleveren. Besloten werd de voorkeurs-vertrekroute vanaf Lelystad naar het noordwesten en het westen over het IJsselmeer te laten lopen, zodat bij de Kop van Noord-Holland een hoogte van minimaal 2.700 meter is bereikt.
Echter, bij Defensie-oefeningen bij Breezanddijk (120 dagen per jaar werden hiervoor gereserveerd) kan deze IDRID route over de Kop van Noord-Holland niet gevlogen worden. Dan moet de zgh. niet-voorkeursroute VOLLA worden gevlogen. En daar valt nog een en ander te regelen.
De niet-voorkeursroute VOLLA vliegroute gaat vanaf Lelystad Airport over de Noordoostpolder, dan over het IJsselmeer om West-Friesland bij Andijk op een minimum-hoogte van 7.000 voet (1.800 meter) aan te doen met als opdracht om vandaar door te stijgen naar 14.000 voet (4.200 meter) bij Schagen in de richting Noord-West en Zuid-West (o.m. Londen) . Echter, gestreefd wordt om “continu door te stijgen” en dan bereikt een vliegtuig op deze route op weg naar het minimum hoogte-doel van 4.200 meter al 3.000 tot 3.500 meter. bij Andijk. Om dit continu doorstijgen mogelijk te maken is bepaald dat het vliegverkeer op en van Schiphol niet in alle gevallen voorrang krijgt op dat van Lelystad. Zo krijgt Lelystad Airport de mogelijkheid om “in nagenoeg alle gevallen” ongehinderd te door te klimmen op deze route, althans bij een volume van niet meer dan 10.000 vliegtuigbewegingen per jaar. Zouden er wijzigingen moeten plaatsvinden in het kader van de Luchtruimherziening dan zouden zij alleen tot verbetering van de route moeten dienen.
De Stichting denkt dat deze oplossing adequaat kan zijn als er een aanwijzing aan de verkeersleiding komt om het continu doorklimmen op de VOLLA route mogelijk te maken en in het kader daarvan de minimum vlieghoogte bij het binnenvliegen van West-Friesland bij Andijk op 3.000 – 3.500 meter te stellen, behoudens bijzondere omstandigheden.
Echter, het mogelijk creëren van een aaneengesloten oefengebied voor Defensie doet de vraag opkomen hoe de vertrek- en aankomst routes van en op Lelystad Airport dan ingericht moeten worden. Het is van belang dat hierover duidelijkheid ontstaat voordat besloten worden over de opening van het vliegveld.
De Stichting blijft zich op het standpunt stellen niet tegen de openstelling van Lelystad Airport te zijn. Wel blijft de voorwaarde hierbij dat aan de vliegroutes dusdanig vorm gegeven wordt dat zij zo min mogelijk hinder boven West-Friesland genereren. Vermijden van ernstige plaatselijke hinder en onherstelbare schade voor de recreatie-economie, het milieu en de bebouwde omgeving moet voorrang krijgen bij het bepalen van vliegroutes en vlieghoogte.
Deze pagina werd op 18 mei 2025 bijgewerkt